Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK 2 › Afdeling 5

Artikel 2:4

Voorwerpen op of aan de weg

Onderdeel van Algemene Plaatselijke Verordening gemeente Geldrop-Mierlo 2013

1.. Het is verboden de weg of een weggedeelte anders te gebruiken dan overeenkomstig de publieke functie daarvan, als: Het gebruik schade toebrengt of kan toebrengen aan de weg, de bruikbaarheid van de weg belemmert of kan belemmeren, dan wel een belemmering vormt of kan vormen voor het beheer of onderhoud van de weg of; Het gebruik niet voldoet aan redelijke eisen van welstand. 2.. Ingevolge het eerste lid onder b is het in het belang van de woon- en leefomgeving verboden: Voorwerpen waaronder reclameborden en driehoeksborden die betrekking hebben op de aankondiging van incidentele commerciële activiteiten op, aan, boven, of zichtbaar vanaf de weg te plaatsen; Spandoeken op, aan of boven de weg te plaatsen. 3.. Het bevoegd bestuursorgaan kan in het belang van de openbare orde of de woon- en leefomgeving nadere regels stellen ten aanzien van terrassen, uitstallingen en reclameborden. 4.. Het bevoegd bestuursorgaan kan ontheffing verlenen van het verbod in het eerste en tweede lid. 5.. Het bevoegd gezag kan een omgevingsvergunning verlenen voor het in het eerste lid bedoelde gebruik, voor zover dit een activiteit betreft als bedoeld in artikel 2.2, eerste lid, onder j. of onder k. van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht. 6.. Het verbod in het eerste lid is niet van toepassing op: evenementen als bedoeld in artikel 2:7; standplaatsen als bedoeld in artikel 5:11. 7.. Het verbod in het eerste lid is niet van toepassing op situaties waarin wordt voorzien door de Wet beheer rijkswaterstaatswerken, artikel 5 van de Wegenverkeerswet 1994, of de provinciale wegenverordening. 8.. Op de ontheffing bedoeld in het vierde lid is paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht (positieve fictieve beschikking bij niet tijdig beslissen) niet van toepassing.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel