Het college kan de subsidievaststelling intrekken of ten nadele
van de subsidieontvanger wijzigen:
op de gronden als bedoeld in artikel 4:49 van de
Awb.
indien de koop-/aanneemovereenkomst als bedoeld in
artikel 5, lid 2, om welke reden dan ook wordt
ontbonden, of op andere wijze wordt beëindigd.
indien voor de (levensloopbestendige) nieuwbouwwoning
geen onherroepelijke omgevingsvergunning is
verkregen.
indien de subsidieontvanger de (levensloopbestendige)
nieuwbouwwoning binnen vijf jaar na de
subsidievaststelling verkoopt.
Bij de intrekking vordert het college het subsidiebedrag terug,
vermeerderd met de wettelijke rente gerekend vanaf het moment
van uitbetaling van het subsidiebedrag.
Hoofdstuk 3
Artikel 9
Intrekking subsidievaststelling
Onderdeel van Verordening grondprijsmaatregelen gemeente Horst aan de Maas