Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk

Artikel 6

– Ingangsdatum en tijdvak van een verlaging

Onderdeel van Afstemmingsverordening WWB, IOAW, IOAZ en Bbz 2013

1.. De verlaging gaat in op de eerste dag van de nog te betalen lopende uitkering, voor zover de betaling nog niet heeft plaatsgevonden. 2.. In afwijking van lid 1 kan de verlaging worden toegepast met ingang van de eerst volgende kalendermaand. Daarbij wordt uitgegaan van de voor die maand geldende bijstandsnorm. 3.. De verlaging van de uitkering wordt voor een bepaalde tijd opgelegd. 4.. Een verlaging die voor een periode van meer dan drie maanden wordt toegepast, wordt uiterlijk na drie maanden nadat deze ten uitvoer is gelegd heroverwogen. 5.. Als een besluit tot verlaging van de uitkering niet kan worden uitgevoerd omdat de uitkering is beëindigd of ingetrokken, wordt het besluit alsnog uitgevoerd als belanghebbende binnen twaalf maanden na de dagtekening van de beschikking, waarin het besluit tot beëindiging of intrekking van de uitkering bekend is gemaakt, wederom een beroep doet op een uitkering. 6.. Bij samenloop met een aanvraag om bijstand gaat de verlaging in vanaf de ingangsdatum van de uitkering. 7.. Als een besluit tot verlaging wordt uitgevoerd en ten gevolge van recidive in dezelfde periode een tweede besluit tot verlaging uitgevoerd moet worden, sluit de uitvoering van dit tweede besluit aan op de periode waarin het eerste besluit tot verlaging wordt uitgevoerd.

Rechtspraak bij dit artikel