Burgemeester en wethouders verlenen slechts geldelijke steun indien:
de noodzaak van het bouwen van de woning(en) of van het treffen van de voorzieningen is aangetoond;
het bouwplan sober en doelmatig is;
is voldaan aan de nadere voorwaarden als bedoeld in artikel 9, tweede en derde lid;
voor het bouwplan een bouwvergunning/kennisgeving is verleend of zal worden verleend;
voor het besluit tot het verlenen van de geldelijke steun niet reeds een begin met de werkzaamheden is gemaakt zonder hun instemming;
de grond waarop de woningen worden gebouwd niet verontreinigd is, of de verontreiniging niet zodanig is dat naar het oordeel van burgemeester en wethouders uit het oogpunt van volksgezondheid bezwaar bestaat tegen het bouwen van woningen op die grond.
2. verlenen en vaststellen van geldelijke steun › Paragraaf 2: de verlening van geldelijke steun
Artikel 29
Artikel 29
Onderdeel van Verordening woninggebonden subsidies 1992