**1..** Het college ziet af van het toepassen van een verlaging indien:
elke vorm van verwijtbaarheid ontbreekt; of
de gedraging meer dan één jaar vóór constatering van die gedraging door het college heeft plaatsgevonden,
**2..** Het college kan afzien van een verlaging, indien het daarvoor dringende redenen aanwezig acht.
**3..** Indien het college afziet van een verlaging op grond van dringende redenen, wordt een belanghebbende hiervan schriftelijk op de hoogte gesteld.
Hoofdstuk 1
Artikel 6.
Afzien van verlaging
Onderdeel van Verordening maatregelen WWB, IOAZ en IOAW 2013