Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 10

Artikel 34

Artikel 34

Onderdeel van Beheersverordening gemeentelijke begraafplaatsen Nieuwegein 2007

1.. Na het verstrijken van de termijnen, genoemd in artikel 15 eerste lid, artikel 17 eerste en tweede lid en artikel 18 ruimen burgemeester en wethouders de grafruimte niet dan op last van het hoofd van de begraafplaats. In geval van uitsluitend recht vindt ruiming plaats na toestemming van de rechthebbende. Ten minste twee maanden tevoren geeft het hoofd hiervan kennis aan de door de minister van VROM aangewezen ambtenaar. Deze kan bepalen dat het ruimen onder geneeskundig toezicht geschiedt of gedeputeerde staten adviseren de termijn te verlengen. 2.. Het voornemen van Burgemeester en wethouders om een graf te ruimen wordt gedurende ten minste een jaar voorafgaande aan het tijdstip waarop het graf geruimd zal worden, bekend gemaakt aan de rechthebbende of belanghebbende. Indien het adres niet bekend is, wordt dit voornemen bekend gemaakt door middel van een bericht in plaatselijke en regionale dag- en weekbladen, op het publicatiebord op de begraafplaats en door het plaatsen van een bordje bij het te ruimen graf. 3.. De bij de ruiming van de graven nog aanwezige overblijfselen van lijken worden opnieuw begraven in een afgesloten gedeelte van de begraafplaats. 4.. Indien in de te ruimen grafruimte asbussen of urnen zijn geplaatst, wordt de as verstrooid op de begraafplaats indien de grafrust van 20 jaar is verstreken. 5.. Rechthebbenden op het uitsluitend recht en belanghebbenden bij een algemeen graf kunnen voor het verstrijken van de in het eerste lid bedoelde termijnen de administratie verzoeken om bij de ruiming de overblijfselen van het lijk, indien mogelijk, bijeen te doen brengen voor herbegraving, herbegraving elders of voor crematie. Voor crematie is schriftelijk verlof van de officier van justitie vereist. 6.. Rechthebbenden op het uitsluitend recht en belanghebbenden bij een algemeen graf kunnen, na het verstrijken van de wettelijke rusttermijn, burgemeester en wethouders verzoeken een grafruimte te ruimen. 7.. Het opgraven van lijken en het ruimen van graven is slechts toegestaan indien daarbij geen andere personen aanwezig zijn dan degenen die met deze werkzaamheden zijn belast.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel