Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk

Artikel 16

Artikel 16

Onderdeel van Marktverordening Nieuwegein 2002

1.. De vergunning voor een vaste plaats wordt ingetrokken; op verzoek van de vergunninghouder; deze geeft hiervan uiterlijk drie maanden tevoren schriftelijk kennis aan burgemeester en wethouders; bij overlijden van de vergunninghouder, behoudens het bepaalde in lid 2 van dit artikel; wanneer niet langer wordt voldaan aan een of meer van de eisen, gesteld in artikel 13, lid 1 en artikel 39; zulks met inachtneming van het bepaalde in artikel 13, lid 2 en 3; indien de vergunninghouder niet tenminste eenmaal per twee weken en tenminste negen maal per kwartaal zijn plaats op de markt inneemt, zulks met inachtneming het bepaalde in de artikelen 22, 23 en 24. 2.. Bij het overlijden van de vergunninghouder wordt de vergunning voor de vaste plaats overgeschreven op de overblijvende echtgenoot, van de geregistreerde partner of de levenspartner van de vergunninghouder, indien een daartoe strekkend verzoek binnen één maand na het overlijden bij burgemeester en wethouders wordt ingediend. Indien de aanvrager bedoeld in de voorgaande volzin, vergunning heeft voor een andere vaste plaats op dezelfde markt, wordt de vergunning voor die plaats ingetrokken. 3.. Indien de vergunning niet kan worden overgeschreven op grond van het tweede lid kan een kind van de vergunninghouder vergunning krijgen indien de vergunninghouder ten minste vijf jaar werkzaam is geweest op de markt in Nieuwegein. 4.. Indien de vergunning niet kan worden overgeschreven op grond van het tweede en derde lid kan een personeelslid van de vergunninghouder vergunning krijgen indien hij/zij kan aantonen dat hij/zij tenminste drie jaar in loondienst van het marktbedrijf van de vergunninghouder heeft gewerkt of gedurende eenzelfde periode als mede-eigenaar in dit bedrijf heeft gefunctioneerd. 5.. Het college van burgemeester en wethouders is bevoegd in bijzondere omstandigheden af te wijken van het bepaalde in dit artikel.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel