**1..** Het is uitsluitend op daartoe aangewezen standplaatsen toegestaan als standwerker op te treden.
**2..** Burgemeester en wethouders wijzen een standwerkerplaats toe door middel van loting.
**3..** Voor een vergunning voor een standwerkersplaats komen slechts in aanmerking marktkooplieden die handelingsbekwaam zijn en aantonen dat zij voldoen aan de in artikel 13, lid 1 gestelde eisen, zulks met inachtneming van het bepaalde in artikel 13, lid 2 en 3.
**4..** Standwerkers die gezamenlijk willen optreden, kunnen slechts gezamenlijk voor een vergunning voor een standwerkersplaats in aanmerking komen en gezamenlijk slechts één soort artikel op de voor standwerkers geboden wijze ten verkoop aanbieden. De betrokkenen dienen zulks tevoren aan burgemeester en wethouders kenbaar te maken met vermelding van het te verhandelen artikel.
**5..** Indien de omstandigheden op de markt daartoe aanleiding geven, kunnen burgemeester en wethouders beperkingen stellen aan het aantal af te geven vergunningen voor standwerkersplaatsen per artikelengroep. Als aan een standwerker een vergunning voor het innemen van een standwerkerplaats is verleend voor de verkoop van een artikel, dat al op de markt is vertegenwoordigd, is het die standwerker gedurende een periode van vier daarop achtereenvolgende marktdagen niet toegestaan deel te nemen aan de loting voor een standwerkerplaats voor de verkoop van dat artikel.
**6..** Een standwerker mag de aan hem toegewezen plaats niet tezamen met een ander benutten, waaronder mede wordt verstaan dat hij zich niet door een ander mag doen aflossen. Het bovenstaande geldt niet voor degenen bedoeld in het vierde lid van dit artikel.