Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK 3

Artikel 13

Veiligheid en hygiëne

Onderdeel van Uitvoeringsbesluit kindercentra

a.. De voorzieningen voor brandveiligheid en veilige ontvluchting moeten voldoen aan het bouwbesluit en de bouwverordening van de gemeente Nieuwegein. b.. Alle overige door de commandant van de brandweer te geven aanwijzingen in het kader van de brandveiligheid dienen onverwijld te worden opgevolgd. c.. Buitendeuren en -vensters zijn zodanig beveiligd, dat kinderen niet ongemerkt het kindercentrum kunnen verlaten en onbevoegden niet ongemerkt kunnen binnentreden. d.. De verwarmingsapparaten en verwarmingsbuizen zijn zodanig opgesteld en uitgevoerd, dat de kinderen zich daaraan niet kunnen verwonden en branden en de bedieningsorganen niet kunnen bereiken. e.. Wandcontactdozen dienen te zijn geaard en te zijn afgeschermd en bij voorkeur onbereikbaar te zijn voor kinderen. f.. Ruiten beneden 1.50 meter dienen te zijn vervaardigd van veiligheidsglas. g.. Eventueel aanwezige vaste trappen dienen veilig te zijn voor kinderen. h.. Voorwerpen en vloeistoffen die gevaar voor kinderen kunnen opleveren (schoonmaakartikelen, medicamenten, elektrische apparaten en dergelijke) moeten buiten bereik van kinderen worden opgeborgen. i.. In het kindercentrum is een telefoon aanwezig. In de onmiddellijke nabijheid daarvan bevinden zich het algemeen alarmnummer en het telefoonnummer van de huisarts. j.. In het kindercentrum is een volledig uitgeruste EHBO-trommel aanwezig en een zogenoemde giflijst. k.. In het kindercentrum is ten minste een functionaris aanwezig die in het bezit is van een geldig EHBO-diploma. l.. Het kindercentrum en de inrichting daarvan verkeren in zindelijke staat. m.. Eventueel aanwezige zandtafels worden 3 maal per jaar van schoon zand voorzien. n.. In ruimten waar kinderen worden opgevangen wordt niet gerookt. o.. In het kindercentrum worden geen huisdieren toegelaten. p.. Speelgoed moet zijn aangepast aan de betreffende leeftijdsgroep.

Rechtspraak bij dit artikel