Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk

Artikel 7

Hoogte en duur van een verlaging

Onderdeel van Afstemmingsverordening 2012 Aalsmeer

Onverminderd artikel 2, tweede lid, wordt de verlaging vastgesteld op: vijf procent van de bijstandsnorm gedurende een maand bij gedragingen van de eerste categorie als genoemd in artikel 6; twintig procent van de bijstandsnorm gedurende een maand bij gedragingen van de tweede categorie als genoemd in artikel 6; vijftig procent van de bijstandsnorm gedurende een maand bij gedragingen van de derde categorie als genoemd in artikel 6; honderd procent van de bijstandsnorm gedurende een maand bij gedragingen van de vierde categorie als genoemd in artikel 6; Van het opleggen van een maatregel bedoeld in het eerste lid kan worden afgezien en worden volstaan met het geven van een schriftelijke waarschuwing, tenzij het niet of het niet behoorlijk nakomen van de verplichting plaatsvindt binnen een periode van twee jaar te rekenen vanaf de datum waarop eerder aan de belanghebbende een schriftelijke waarschuwing is gegeven De duur van de verlaging als bedoeld in het eerste lid wordt verdubbeld, indien de belanghebbende zich binnen twaalf maanden na bekendmaking van een besluit tot verlaging met toepassing van dit artikel, opnieuw schuldig maakt aan een verwijtbare gedraging in dezelfde of een hogere categorie. Bij een derde en volgende verwijtbare gedraging, zoals bedoeld in dit artikel, binnen twaalf maanden na de bekendmaking van het laatste besluit tot verlaging met toepassing van dit artikel, stemt het college de hoogte en de duur van de verlaging, onverminderd artikel 2, tweede lid, individueel vast.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel