Voor individuele bijzondere bijstandsverlening komen in ieder geval de volgende kosten in aanmerking, als zij noodzakelijk zijn op grond van bijzondere sociale of financiële omstandigheden en er geen beroep kan worden gedaan op een voorliggende voorziening:
kosten die verband houden met de begrafenis of crematie van een overledene in Nederland, gerekend naar de kosten van de goedkoopst adequate mogelijkheid, ten behoeve van de belanghebbende die ingevolge wettelijke bepalingen zorg dient te dragen voor de verzorging van de teraardebestelling. Bijzondere bijstand is dan in ieder geval mogelijk voor:
legeskosten overlijdensakte;
rouwkaarten (maximaal 50);
werkzaamheden uitvaartverzorger;
eenvoudige kist;
grafrechten (voor een algemeen graf en niet voor een graf in eigendom);
rouwauto met maximaal 1 volgauto;
kosten opbaren rouwcentrum;
kosten van dragers;
een eenvoudige grafzerk;
met uitzondering van de kosten:
voor een begrafenis of crematie zich voordoet in het buitenland;
als de erfgenamen woonachtig zijn in het buitenland;
van een rouwadvertentie, eredienst, koffietafel e.d. voortvloeiende uit een culturele of religieuze achtergrond;
de LBIO ouderbijdrage, eenmalig, voor (de eigen bijdrage) in de onderhoudskosten van uit huis geplaatste kinderen op voorwaarde dat een afwijzende beschikking van de Sociale Verzekeringsbank met betrekking tot de kinderbijslag wordt overgelegd;
dubbele woonlasten vanwege een onvoorzienbare noodzakelijke verhuizing als bedoeld in artikel 13 van dit besluit.
Reiskosten binnen Nederland:
wegens bezoek aan een gezinslid tot en met de tweede graad (die voor de opname thuisinwonend was) die:
in een AWBZ-inrichting verblijft, gebaseerd op een bezoekfrequentie van maximaal twee maal per week voor één persoon of maximaal één maal per week voor twee personen. Overgelegd moet worden een bewijs van opname in de betreffende inrichting;
in een ziekenhuis is opgenomen. De frequentie wordt vastgesteld op basis van individuele beoordeling;
in een penitentiaire inrichting verblijft, gebaseerd op een bezoekfrequentie van één keer per week voor één persoon of één keer per twee weken voor twee personen. Overgelegd moet worden een verklaring van de penitentiaire inrichting betreffende de afgelegde bezoeken;
in verband met geneeskundige behandelingen als deze kosten niet voor vergoeding door de zorgverzekeraar in aanmerking komen. De kosten moeten aangetoond worden, dit kan o.a. door het overleggen van een kopie van de afsprakenkaart;
de eigen bijdrage voor het zittend ziekenvervoer;
voor de onderdelen a en b wordt geen reiskostenvergoeding gegeven als de bestemming minder dan vijf kilometer van het huisadres is verwijderd;
De reiskosten zoals bedoeld in het voorgaande lid worden berekend op basis van de kortste route volgens de routeplanner van de ANWB. Per kilometer wordt een vergoeding gegeven, gelijk aan de onbelaste kilometervergoeding Belastingen.
Hoofdstuk
Artikel 23
Kosten door bijzondere sociale en financiële omstandigheden
Onderdeel van Besluit socialezekerheidswetten Stadskanaal 2013