Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk › Afdeling

Artikel 5:25

Ligplaatsen vaartuigen voor permanente- en niet-permanente bewoning

Onderdeel van Algemene Plaatselijke Verordening Aalsmeer 2010

Het is verboden om zonder vergunning van burgemeester en wethouders binnen de gemeente ligplaats in te nemen, of te hebben of toe te laten dat ligplaats wordt ingenomen met een vaartuig, alsmede een vaartuig in aanbouw of een casco, ten behoeve van: permanente bewoning, of; niet-permanente bewoning, of; overige vaartuigen. Het vorige lid is niet van toepassing op vaartuigen als bedoeld in artikel 5.26a en b van deze verordening. Het verbod als bedoeld in lid 1 van dit artikel is niet van toepassing op vaartuigen ten behoeve van pleziervaart, niet zijnde een kajuitboot als bedoeld in artikel 5.26a. De vergunning wordt geweigerd als: deze strijdig is met het belang van de openbare orde, volksgezondheid, veiligheid en milieuhygiëne; het aanzien van de gemeente wordt geschaad. De gemeentelijke welstandsnota geldt hierbij als beleidsuitgangspunt; deze strijdig is met de bepalingen van het geldende bestemmingsplan, daaronder mede begrepen het maximum gestelde aantal ligplaatsen; deze strijdig is met de bruikbaarheid van openbaar water, doelmatig en veilig gebruik van het openbaar water en beheer en onderhoud van het openbaar water; Burgemeester en wethouders kunnen regels vaststellen betreffende de afmetingen van een vaartuig voor niet-permanente bewoning. Het in het eerste en tweede lid bepaalde laat onverlet de werking van de Wet milieubeheer, de Woningwet, het Binnenvaartpolitiereglement, de Wet beheer rijkswaterstaatswerken, de Provinciale vaarwegenverordening of de Provinciale landschapsverordening. Aan de vergunning kunnen voorschriften en beperkingen worden verbonden.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel