Veiligheid van hulpmiddelen en het voorkomen van
hinder.
Afscheidingen, steigers, ladders, heistellingen,
transportinrichtingen en ander hulpmateriaal moeten, wat
kwaliteit en samenstelling betreft, voldoen aan de eis van goed
en veilig werk en in goede staat van onderhoud verkeren.
Het is verboden bij de uitvoering van een bouw- of grondwerk een
werktuig of een stof te gebruiken, indien daardoor gevaar voor
de omgeving optreedt.
Burgemeester en wethouders kunnen het gebruik van een werktuig,
dat schade of ernstige hinder voor de omgeving veroorzaakt of
kan veroorzaken, verbieden.
Burgemeester en wethouders kunnen voorschrijven, dat voor een op
een werk te gebruiken krachtwerktuig:
uitsluitend een bepaalde brandstof wordt gebezigd,
en/of
de aandrijving elektrisch geschiedt, en/of
het werktuig gedurende bepaalde delen van een etmaal
niet mag worden gebruikt.
Het bepaalde in het tweede, derde en vierde lid is niet van
toepassing indien en voor zover het betreft nadelige gevolgen
voor het milieu waarop de wet milieubeheer of enige in deze wet
genoemde milieuwet van toepassing is.