Gereedmelding van (onderdelen van) de bouwwerkzaamheden.
Van het gereedkomen:
van putten en van grond- en huisaansluitleidingen van de
riolering, alsmede van leidingdoorvoeren en mantelbuizen
door wanden en vloeren beneden straatpeil;
van de thermische isolatie in de spouw van wanden,
alsmede van de thermische isolatie in andere besloten
constructies
moet het bouwtoezicht onmiddellijk na de voltooiing van
de onder a en b
bedoelde werkzaamheden in kennis worden gesteld.
Onderdelen van het bouwwerk, waarop het eerste lid betrekking
heeft, mogen niet zonder toestemming van het bouwtoezicht aan
het oog worden onttrokken gedurende twee dagen na het tijdstip
van kennisgeving.
Het bepaalde in het tweede lid is van overeenkomstige
toepassing op die onderdelen van het bouwwerk, waarvoor in de
aan de bouwvergunning verbonden voorwaarden een plicht tot
kennisgeving van voltooiing is bepaald.
Uiterlijk op de dag van beëindiging van de werkzaamheden,
waarop de bouwvergunning betrekking heeft, wordt het einde van
die werkzaamheden bij het bouwtoezicht gemeld.
De in dit artikel bedoelde kennisgevingen moeten, indien het
bouwtoezicht dit verlangt, schriftelijk geschieden.