Het college kan de ligplaatsvergunning intrekken indien:
de ligplaatsvergunning ten gevolge van een onjuiste opgave of informatie is verleend;
de gegevens in de ligplaatsvergunning niet meer overeenstemmen met de werkelijke situatie;
niet wordt voldaan aan de bij of krachtens deze verordening gegeven voorschriften, waaronder de veiligheids- en inrichtingseisen als genoemd in artikel 11;
het woonschip waarop de vergunning betrekking heeft naar het oordeel van het college afbreuk doet aan het aanzien van de gemeente;
het woonschip gedurende twaalf tot maximaal zesentwintig aaneengesloten weken niet op de ligplaats aanwezig is zonder voorafgaande schriftelijke melding aan het college;
het woonschip langer dan zesentwintig aaneengesloten weken niet op de ligplaats aanwezig is zonder voorafgaand schriftelijk gevraagde en voorafgaand verkregen toestemming van het college;
op de ligplaats voorzieningen aanwezig zijn die niet zijn vermeld op de ligplaatsvergunning.