5.1. De plaatsen waar woonschepen ligplaats mogen hebben, zijn aangewezen op de ligplaatsenkaart, die als bijlage bij deze verordening is opgenomen.
2 De ligplaatsenkaart kan door het college worden gewijzigd in overeenstemming met een planologische regeling die na het van kracht worden van deze verordening in werking is getreden.
3 Het college kan aan het met een woonschip innemen van een aangewezen ligplaats dan wel aan het hebben of het beschikbaar stellen van een aangewezen ligplaats voor een woonschip in openbaar water:
nadere regels stellen in het belang van de openbare orde, volksgezondheid, veiligheid, de milieuhygiëne en het aanzien van de gemeente;
beperkingen stellen naar soort en aantal woonschepen.