De ingevolge artikel 39, onder 1, bij wege van schriftelijke
kennisgeving, nota of andere schriftuur geheven rechten worden
verschuldigd en moeten worden betaald op het tijdstip, waarop
het gebruik aanvangt.
Indien het verschuldigde bedrag niet op het in het eerste lid
genoemde tijdstip kan worden vastgesteld, moeten de rechten
worden betaald binnen tien dagen na de dagtekening van de
schriftelijke kennisgeving, de nota of de andere
schriftuur.
De belastingaanslagen als bedoeld in artikel 39, onder 2, zijn
invorderbaar in één termijn, welke vervalt een maand na de
dagtekening van het aanslagbiljet.
Kwijtschelding
Hoofdstuk VIII.
Artikel 28.
Artikel 28.
Onderdeel van Verordening tot heffing en invordering van Scheepvaartrechten 2005