Indien uit de financiële verantwoording blijkt dat een subsidieontvanger, na de periode waarvoor subsidie is verleend, naar het oordeel van het college een te hoge egalisatiereserve heeft in relatie tot het gestelde in lid 1 van artikel 20 of bestemmingsreserves en/of voorzieningen heeft opgebouwd, anders dan de door het college vooraf goedgekeurde of verplicht gestelde voorzieningen, dan wordt het subsidiebudget voor de volgende periode verlaagd met het bedrag waarmee de toegestane hoogte van de egalisatiereserve wordt overschreden en/of met het bedrag aan niet goedgekeurde of niet verplicht gestelde voorzieningen.
Hoofdstuk 8
Artikel 21
Afroming reserves en voorzieningen
Onderdeel van Algemene Subsidieverordening Krimpen aan den IJssel 2012