**1..** Het college doet het aanbod, bedoeld in artikel 19, eerste of tweede lid, van de wet schriftelijk. Het aanbod wordt persoonlijk overhandigd aan de inburgeringsplichtige en tevens gezonden naar het adres waar de inburgeringsplichtige in de gemeentelijke basisadministratie is ingeschreven.
**2..** In het aanbod wordt een omschrijving gegeven van de inburgeringsvoorziening die wordt aangeboden en worden de rechten en verplichtingen vermeld die aan de inburgeringsvoorziening worden verbonden.
**3..** De inburgeringsplichtige aan wie een aanbod wordt gedaan, deelt binnen twee weken middels ondertekening het college schriftelijk mee of hij het aanbod al dan niet aanvaardt.
**4..** Het niet aanvaarden van een aanbod, ontslaat de inburgeringsplichtige niet van de verplichtingen als benoemd in artikel 7 van de wet. Wanneer de inburgeringsplichtige het aanbod niet aanvaardt, zal op grond van artikel 26 van de wet een beschikking worden vastgesteld waarmee de termijn zoals bedoeld in artikel 7 van de wet, van start gaat.
**5..** Wanneer de inburgeringsplichtige het aanbod aanvaardt, neemt het college binnen twee weken na ontvangst van deze mededeling het besluit tot toekenning van de inburgeringsvoorziening, overeenkomstig het gedane aanbod.
Hoofdstuk 3.
Artikel 7
De procedure van het doen van een aanbod
Onderdeel van Verordening Wet Inburgering