1. De aanvrager van een subsidie voor elke voorziening waarvoor subsidie peuteropvang wordt aangevraagd is de houder van een geregistreerd kindercentrum en voor wat betreft voorschoolse educatie de houder van een geregistreerd kindercentrum dat tevens als een als voorziening voor voorschoolse educatie is geregistreerd. 2. De aanvrager van een subsidie voor reguliere peuterplaatsen peuteropvang, voldoet met het aanbod aan het programma van eisen voor een regulier arrangement.
3. De aanvrager van een subsidie voor VVE peuterplaatsen peuteropvang, voldoet met het aanbod aan programma van eisen voor een VVE peuterarrangement.
4. De aanvrager van een subsidie voor voorschoolse educatie voldoet aan de kwaliteitseisen van artikel 1.50.b van de Wet kinderopvang en kwaliteitseisen peuterspeelzalen en het Besluit basisvoorwaarden kwaliteit voorschoolse educatie (Staatsblad 2010 nr. 298) en aan de Regeling wet kinderopvang en kwaliteitseisen peuterspeelzalen.
5. De aanvrager van een subsidie peuteropvang factureert en int de ouderbijdrage zoals vastgesteld door het college van burgemeester en wethouders en is verantwoordelijk voor het daadwerkelijk ontvangen van deze bijdrage.
Hoofdstuk II
Artikel 3
Bijzondere bepalingen en verplichtingen
Onderdeel van Deelsubsidieverordening peuteropvang gemeente Neder-Betuwe 2013