Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK II

Artikel 10

Fietsregeling

Onderdeel van Verordening rechtsposite Wethouders, Raads- en Burgerraadsleden 2013

Het raadslid van wie de arbeidsverhouding ingevolge artikel 4, aanhef en onderdeel f, van de Wet opde loonbelasting1964 voor de toepassing van die wet als dienstbetrekking wordt aangemerkt kandeelnemen aan de fietsregeling als bedoeld in artikel 37 van de Uitvoeringsregeling loonbelasting2001. Naar keuze van het raadslid wordt de raadsvergoeding dan wel vaste onkostenvergoedingverminderd met de vergoeding voor de fiets als bedoeld in de Uitvoeringsgregeling. Gelet op het bepaalde in artikel 99 van de Gemeentewet bestaat geen aanspraak op enigevergoeding van de gemeente.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel