Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 3.

Artikel 18.

Inkomstenvrijlating.

Onderdeel van Verzamelverordening Wet werk en bijstand

1.. Voor het toepassen van deze voorziening wordt het inkomen uit arbeid van een uitkeringsgerechtigde geacht steeds bij te dragen aan zijn arbeidsinschakeling. 2.. Het eerste lid blijft buiten toepassing als de informatie over het inkomen niet, niet tijdig of onvolledig is verstrekt en dit de uitkeringsgerechtigde te verwijten valt. 3.. Samenloop van inkomstenvrijlating met een premie op participatie op grond van artikel 12 is niet toegestaan. Na afloop van de inkomstenvrijlating, die wettelijk eenmalig en maximaal voor de duur van zes aaneengesloten maanden is toe te kennen, is weer wel een premie toe te kennen (ook in hetzelfde kalenderjaar).

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel