Naar hoofdinhoud
1.. De vergoedingen als bedoeld in artikel 3 en 4, lid 2 moeten door de huurder c.q. eigenaar-bewoner op daarvoor bestemde formulieren bij burgemeester en wethouders worden aangevraagd binnen 8 weken na de datum van inwerkingtreding van deze verordening. 2.. De vergoedingen als bedoeld in artikel 4, lid 3, moeten door de eigenaar-bewoner op daarvoor bestemde formulieren bij burgemeester en wethouders worden aangevraagd binnen 8 weken na de datum waarop het verkoopcontract met de gemeente is ondertekend. 3.. Burgemeester en wethouders kunnen voor de beoordeling van aanvragen om vergoedingen als bedoeld in artikel 3, lid 4, sub b en artikel 4, lid 3 inzage in of het overleggen van rekeningen en andere bewijsstukken verlangen. 4.. Van een besluit tot verlenging, weigering of aanhouding van een vergoeding als bedoeld in artikel 2 stellen burgemeester en wethouders de aanvrager zo spoedig mogelijk doch in elk geval binnen een termijn van acht weken schriftelijk op de hoogte. 5.. Indien aanvraagformulieren niet volledig zijn ingevuld of de daarbij over te leggen rekeningen en andere bewijsstukken niet zijn ontvangen of naar het oordeel van burgemeester en wethouders onvoldoende deugdelijk zijn vangt de in het vorige lid genoemde termijn aan op de dag waarop het aanvraagformulier naar het oordeel van burgemeester en wethouders op de juiste wijze is ingevuld c.q. de over te leggen stukken van dien aard zijn dat een juiste beoordeling van de aanvraag mogelijk is.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel