Het toewijzen van functieloon door de algemeen directeur/gemeentesecretaris aan een medewerker kan plaatsvinden op basis van een ‘match’ tussen competenties, kennis of loopbaanwensen en de organiek beoogde taken alsmede zich aandienende specifieke opdrachten. Naast kwaliteit en persoonlijke ontwikkeling, speelt doelmatigheid in de afweging een rol.
Het toewijzen van functieloon vindt in principe alleen plaats aan de medewerker die de taken uit het basis - c.q. specifiek profiel daarnaast goed tot zeer goed uitvoert.
Het afdelingsplan is in beginsel de inhoudelijke, organieke basis voor het maken van afspraken in het kader van functieloon.
Met de medewerker te maken afspraken in dit kader worden verankerd in de vaststelling van een individueel werkplan op basis waarvan nadien een beoordeling plaatsvindt.
Functieloon is een tijdelijke looncomponent die nooit de naast hogere basisschaal (taak in relatie tot basis - c.q. specifiek profiel/bandbreedte) kan overstijgen.
Het functieloon bestaat uit een vooraf vastgesteld bedrag per maand berekend conform artikel 7 lid 1 plus het toekennen van het bedrag van één periodieke verhoging in de naast hogere basisschaal. Algemene salarisverhogingen voortvloeiende uit CAO-afspraken zijn niet van invloed op het vooraf vastgestelde bedrag.
Het recht op functieloon wordt in beginsel toegekend voor maximaal een periode van één jaar. Op basis van een beoordeling kan het functieloon worden verlengd door de afdelingsmanager. De beoordeling wordt vastgesteld door de algemeen directeur/gemeentesecretaris. Functieloon, toegewezen door de algemeen directeur/gemeentesecretaris, wordt niet langer toegekend dan een periode van maximaal 3 jaar. Lid 3 en 4 van dit artikel zijn dan van overeenkomstige toepassing.
Bij het niet leveren van de gewenste output, kan het functieloon tussentijds door de afdelingsmanager worden stopgezet.
Indien aan een medewerker een (andere) functie wordt toegekend dan wordt het toegekende functieloon herzien en kan het hierdoor vervallen.