Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 1.

Artikel 1.5

BESTUURLIJKE VASTSTELLING

Onderdeel van Nota Grondprijsbeleid 2013 en 2014

De Nota Grondprijsbeleid is een openbaar document. De raad geeft zelf aan op welk niveau zij invloed wil uitoefenen op de grondprijzen; er zijn drie mogelijkheden om een en ander vorm en inhoud te geven, te weten: Niveau 1: De gemeenteraad stelt het principe vast: bijvoorbeeld nader genoemde uitgifteprijzen moeten marktconform zijn. Niveau 2: De gemeenteraad stelt ook de methodiek vast: bijvoorbeeld om de marktconformiteit te bepalen moet de quotemethodiek gehanteerd worden (tot dusverre gebruikelijk binnen de gemeente). Niveau 3: De gemeenteraad stelt naast het principe en de methodiek ook de concrete uitgifteprijs vast. Voorstellen: De gemeenteraad stelt het principe vast en dat is marktconform (met aanduiding van de methodiek) behalve voor incourante grond waar het principe van kostprijs gehanteerd wordt. Binnen het principe wordt geduid langs welke weg de marktconformiteit of kostprijs wordt benaderd. De uitgifteprijsprincipes en methodieken liggen vast via vaststelling van deze nota. In beginsel wordt deze nota in 2014 herijkt. De uitgifteprijzen worden jaarlijks tegen het licht gehouden en eerder herzien wanneer veranderende locale en regionale marktomstandigheden en wijzigingen in de economie daar aanleiding toe geven. Prijsafspraken gemaakt vóór de inwerkingtreding van deze (herziene) nota Grondprijsbeleid worden gerespecteerd. Als de gronduitgifteprijzen tot gevolg hebben dat het resultaat van de gezamenlijke grondexploitaties afneemt, moeten de raad hiervoor budget beschikbaar stellen. Het college stelt aan de hand van de uitgifteprijsprincipes en methodieken de uitgifteprijzen vast en zendt een overzicht ter kennisname aan de gemeenteraad. Wanneer de marktconforme verkoopprijs bij een specifieke uitgifte onverhoopt onder de kostprijs belandt dan wordt de gemeenteraad vooraf geraadpleegd. De door het college, aan de hand van de principes en methodiek, vast te stellen bodemprijzen worden gebruikt als opbrengstenramingen in de gemeentelijke grondexploitaties. Het aangaan van individuele grondtransacties wordt in het duale stelsel als uitvoerende taak van het college van burgemeester en wethouders gezien; via een wensen en bedenkingenprocedure kan door het college het gevoelen van de gemeenteraad worden gepeild bij een grondtransactie die buiten vastgestelde kaders valt.

Rechtspraak bij dit artikel