Het besluit tot kwijtschelding als bedoeld in artikel 6 wordt ingetrokken of ten nadele van de belanghebbende gewijzigd indien:
de belanghebbende niet of niet meer voldoet aan de verplichtingen die zijn verbonden aan het schuldhulpverleningstraject en hierdoor het traject voortijdig wordt beëindigd;
onjuiste of onvolledige gegevens zijn verstrekt en de verstrekking van juiste of volledige gegevens tot een ander besluit zou hebben geleid;
zodra lid 1 of 2 van toepassing is verklaard wordt de vordering direct opeisbaar en wordt tot invordering overgegaan.
HOOFDSTUK 2
Artikel 8
– Intrekkings- en wijzigingsgronden van het kwijtscheldingsbesluit
Onderdeel van Beleidregels terugvorderingen Wwb, Ioaw en Ioaz gemeente Stein 2013