Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK III › Afdeling 3

Artikel 28

Mondelinge stemming over zaken

Onderdeel van Reglement van orde voor de vergaderingen van de raad van de gemeente Leiderdorp 2008

1.. Voor de hoofdelijke oproeping wordt door het lot beslist bij welk nummer van de presentielijst de stemming zal beginnen. Deze geschiedt dan naar volgorde van de presentielijst. 2.. Alvorens over te gaan tot hoofdelijke oproeping, geeft de voorzitter gelegenheid tot het afleggen van een korte stemverklaring indien daarom wordt verzocht. 3.. De voorzitter roept de leden vervolgens op aan de stemming deel te nemen. 4.. Bij hoofdelijke oproeping is ieder lid verplicht zijn stem “voor” of “tegen” uit te brengen zonder enige bijvoeging, als bedoeld in artikel 32 van de Wet, tenzij hij zich van stemming moet onthouden als gevolg van een wettelijk voorschrift. De griffier neemt de uitgebrachte stemmen schriftelijk op. 5.. Heeft een lid zich bij het uitbrengen van zijn stem vergist, dan kan hij deze vergissing herstellen voordat het volgende lid heeft gestemd dan wel indien hij als laatste heeft gestemd, tot dat de voorzitter heeft medegedeeld, dat de stemming is voltooid. 6.. Bemerkt hij zijn vergissing eerst later, dan kan hij na afloop van de stemming aantekening vragen, dat hij zich heeft vergist. In de uitslag van de stemming brengt dit echter geen wijziging.

Rechtspraak bij dit artikel