Een voorziening kan slechts worden toegekend voorzover:
deze langdurig noodzakelijk is om de beperkingen op het gebied van het voeren van het
huishouden, het verplaatsen in en om de woning, het zich lokaal verplaatsen per
vervoermiddel en bij het ontmoeten van medemensen en op basis daarvan sociale
verbanden aangaan op te heffen of te verminderen;
b.deze, naar objectieve maatstaven gemeten, als de goedkoopst adequate voorziening kan
worden aangemerkt;
deze in overwegende mate op het individu is gericht.
Geen voorziening wordt toegekend:
indien de voorziening voor een persoon als de aanvrager algemeen gebruikelijk is;
indien de aanvrager niet woonachtig is in de gemeente Terneuzen
voor zover de ondervonden problemen bij het normale gebruik van de woning
voortvloeien uit de aard van de in de woning gebruikte materialen;
d.voor zover de aangevraagde voorzieningen betrekking hebben op een hoger niveau dan
het uitrustingsniveau voor sociale woningbouw;
e.voor zover er aan de zijde van de aanvrager geen sprake is van aantoonbare meerkosten in
vergelijking met de situatie voorafgaand aan het optreden van de beperkingen waarvoor
de voorziening wordt aangevraagd;
f.voorzover de aanvraag betrekking heeft op kosten die de aanvrager voorafgaand aan het
moment van beschikken heeft gemaakt;
g.indien een voorziening als die waarop de aanvraag betrekking heeft reeds eerder krachtens
deze, dan wel krachtens de aan deze verordening voorafgaande Verordening
voorzieningen gehandicapten is verstrekt en de normale afschrijvingstermijn van de
voorziening nog niet is verstreken, tenzij de eerder vergoede of versterkte voorziening
verloren is gegaan als gevolg van omstandigheden die niet aan de aanvrager zijn toe te
rekenen.
Hoofdstuk 1.
Artikel 2.
Beperkingen
Onderdeel van Verordening voorzieningen maatschappelijke ondersteuning gemeente Terneuzen 2007