Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK II

Artikel 10.

Termijnen van betaling.

Onderdeel van VERORDENING OP DE HEFFING EN DE INVORDERING VAN AFVALSTOFFENHEFFING EN REINIGINGSRECHTEN 2013

1.. In afwijking van artikel 9, eerste lid van de Invorderingswet 1990 moeten de aanslagen die volgen uit hoofdstuk 2.2 en hoofdstuk 4.1 van de tarieventabel worden betaald in één termijn die vervalt één maand na dagtekening van de aanslag. 2.. In afwijking van artikel 9, eerste van de Invorderingswet 1990 moeten de aanslagen die volgen uit hoofdstuk 2.2 en hoofstuk 4.1 van de tarieventabel, waarvoor de belastingschuldige een machtiging heeft afgegeven om deze af te schrijven door middel van automatische incasso, worden betaald in één termijn die vervalt rond de 28e van de maand die volgt op de maand waarin de dagtekening van het desbetreffende aanslagbiljet ligt. 3.. In afwijking van artikel 9, eerste lid, van de Invorderingswet 1990 moeten de aanslagen die volgen uit hoofdstuk 1 en hoofdstuk 3 van de tarieventabel, die worden opgelegd in het kalenderjaar waarop zij betrekking hebben, worden betaald in twee gelijke termijnen waarvan de eerste vervalt op de laatste dag van de maand volgend op de maand die in de dagtekening van het aanslagbiljet is vermeld en de tweede twee maanden later. 4.. Belastingaanslagen die volgen uit hoofdstuk 1 en hoofdstuk 4 van de tarieventabel, waarvan de dagtekening in het desbetreffende heffingsjaar ligt en waarvoor de belastingschuldige een machtiging heeft afgegeven om deze af te schrijven door middel van automatische incasso, dienen te worden betaald in zoveel gelijke maandelijkse termijnen als er na de dagtekening van de aanslag nog in het desbetreffende heffingsjaar volle dan wel gedeeltelijke kalendermaanden resteren, met dien verstande dat het aantal maandelijkse termijnen niet minder dan twee bedraagt. 5.. In afwijking van artikel 9, eerste lid van de Invorderingswet 1990 moeten de aanslagen die volgen uit de tarieventabel, met uitzondering van de aanslagen genoemd in de voorgaande leden van dit artikel, indien de belasting door toezending van een schriftelijke kennisgeving aan belastingschuldige bekend word gemaakt, worden betaald in één termijn waarvan de termijn vervalt veertien dagen na de dagtekening van de aanslag. Indien de belasting door mondelinge kennisgeveing aan de belastingschuldige bekend wordt gemaakt, moet de belasting terstond worden betaald. 6.. De Algemene termijnenwet is niet van toepassing op de in de voorgaande leden gestelde termijnen.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel