Deze verordening verstaat onder:
een onroerende zaak: een gebouwd eigendom, of een ongebouwd eigendom, of een samenstel van twee of meer van de hiervoor bedoelde eigendommen die bij dezelfde belastingplichtige in bezit zijn;
eigendom: een perceel volgens de kadastrale aanduiding;
bestemmingsplan:
in het algemeen: “Bestemmingsplan Buitengebied-1988”, vastgesteld bij raadsbesluit
van 13 februari 1990, gedeeltelijk goedgekeurd door Gedeputeerde Staten van Noord-
Brabant op 25 september 1990, nr. 26616, en bij Koninklijk besluit van 11 maart 1993,
no. 93.002122, gedeeltelijk onherroepelijk geworden;
met betrekking tot percelen Weijerseweg 2 en 2A: “Bestemmingsplan Buitengebied
1988, wijziging I”, vastgesteld alsvoor op 15 maart 1994, goedgekeurd alsvoor op 2
mei 1994, nr. 121098;
met betrekking tot het perceel Hoogeloonsedijk 34: “Bestemmingsplan Buitengebied
1988, herziening Hoogeloonsedijk 34”, vastgesteld alsvoor op 30 september 2003,
goedgekeurd alsvoor op 11 december 2003, nr. 949.792;
met betrekking tot percelen Molenvelden 15 en 17: “Bestemmingsplan Buitengebied
1988, herziening bouwblok Molenvelden”, vastgesteld alsvoor op 14 maart 2000,
goedgekeurd alsvoor op 27 april 2000, nr. 675333/682948/200050549;
met betrekking tot percelen Grote Aard 23 en 25: “Bestemmingsplan Buitengebied
1988, herziening bouwperceel Grote Aard”, vastgesteld alsvoor op 8 september 1998,
goedgekeurd alsvoor op 23 maart 1999, nr. 14465/605557;
met betrekking tot perceel Grote Aard 15: “Bestemmingsplan Buitengebied 1988,
herziening Grote Aard 15”, vastgesteld alsvoor op 13 mei 2003, goedgekeurd alsvoor
op 24 juli 2003, nr. 919762/931385;
bestemming: de voor een onroerende zaak geldende bestemming volgens het geldende bestemmingsplan.
Artikel 1