Bij de voorbereiding van een besluit tot wijziging van deze verordening
plegen burgemeester en wethouders -gecoördineerd door middel van het
portefeuillehoudersoverleg volkshuisves-ting/woonruimtezaken van het
gewest- overleg met de in de gemeente werkzame, ingevolge artikel 70,
eerste lid, of artikel 72, eerste lid, van de Woningwet (Stb 1991, 439)
toegelaten instellingen en met andere daarvoor naar hun oordeel in
aanmerking komende organisaties die binnen de gemeente op het gebied van
de woonruimteverdeling werkzaam zijn.