Gedurende het laatste half uur van de vergadering worden de
leden van de raad in de gelegenheid gesteld vragen te
stellen aan de portefeuillehouders.
Het lid van de raad dat tijdens het vragenhalfuur vragen wil
stellen, meldt dit onder aanduiding van het onderwerp
uiterlijk om 12.00 uur op de dag waarop de vergadering
plaatsvindt bij de griffier. De voorzitter kan na overleg
met het presidium weigeren een onderwerp tijdens het
vragenuur aan de orde te stellen, indien hij het onderwerp
niet voldoende nauwkeurig acht aangegeven of indien het
onderwerp in de raadsvergadering op diezelfde dag aan de
orde komt.
De voorzitter bepaalt de volgorde, waarin aangemelde
onderwerpen tijdens het vragenhalfuur aan de orde worden
gesteld.
De voorzitter bepaalt per onderwerp de spreektijd voor de
vragensteller, voor het college, voor de burgemeester en
voor de overige leden van de raad.
Per onderwerp wordt aan de vragensteller het woord verleend
om één of meer vragen aan het college of de burgemeester te
stellen en een toelichting daarop te geven.
Na de beantwoording door het college of de burgemeester
krijgt de vragensteller desgewenst het woord om aanvullende
vragen te stellen.
Vervolgens kan de voorzitter aan andere leden van de raad
het woord verlenen om hetzij aan de vragensteller, hetzij
aan het college of de burgemeester vragen te stellen over
hetzelfde onderwerp.
Tijdens het vragenhalfuur kunnen geen moties worden
ingediend en worden geen interrupties toegelaten.
HOOFDSTUK 3 › PARAGRAAF 2
Artikel 19
Vragenhalfuur
Onderdeel van Reglement van Orde voor de vergaderingen en andere werkzaamheden van de raad