Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 4 › Afdeling 3.

Artikel 4:12

Omgevingsvergunning voor het vellen van houtopstanden

Onderdeel van Algemene Plaatselijke Verordening gemeente Brummen 2013

1.. Het is verboden zonder vergunning van het bevoegd gezag houtopstand te vellen of te doen vellen. Het in het eerste lid gestelde verbod geldt niet voor houtopstanden binnen de bebouwde kom en houtopstanden op erf buiten de bebouwde kom, wanneer het betreft: de loofhoutsoorten berk (Betula), esdoorn (Acer), kers (Prunus), lijsterbesachtigen (Sorbus), gouden regen (Laburnum), goudiep (Ulmus carpinifolia ‘Wredei’), hulst (Ilex), Italiaanse populier (Populus nigra ‘Italica’), Appel (Malus), Krenteboompje (Amelanchier), fluweelboom (Rhus) en de naaldbomen, met uitzondering van Taxus (Taxus soorten). De in lid 2 onder a gestelde vrijstellingen gelden niet voor houtopstanden wanneer: het een houtopstand betreft: in een tuin behorende bij een historisch pand; in het Wilhelminapark in Eerbeek; geregistreerde monumentale bomen bij ‘De Bomenstichting’ te Amsterdam; of een houtopstand op door het college nader aan te wijzen plaatsen. 2.. Het in het eerste lid gestelde verbod geldt voorts niet voor houtopstanden wanneer het betreft: populieren en wilgen als wegbeplantingen en éénrijige beplantingen op of langs landbouwgronden, tenzij deze zijn geknot; fruitbomen en windschermen om boomgaarden; fijnsparren of andere coniferen, niet ouder dan twaalf jaar, bestemd om te dienen als kerstbomen en geteeld op daarvoor in het bijzonder bestemde terreinen; kweekgoed; houtopstand die bij wijze van dunning moet worden geveld. 3.. Het in het eerste lid gestelde verbod geldt tevens niet voor houtopstand, die deel uitmaakt van als zodanig bij het Bosschap geregistreerde bosbouwondernemingen en niet gelegen is binnen een bebouwde kom, tenzij de houtopstand een zelfstandige eenheid vormt en, hetzij geen grotere oppervlakte beslaat dan 10 are, hetzij in geval van rijbeplanting, gerekend over het totaal aantal rijen, niet meer bomen bevat dan 20. 4.. Het in het eerste lid gestelde verbod geldt tenslotte niet voor: houtopstand die moet worden geveld krachtens de Plantenziektewet of krachtens een aanschrijving of last van het college, zulks onverminderd het bepaalde in artikel 4:18 van deze paragraaf; het periodiek vellen van hakhout ter uitvoering van het reguliere onderhoud; het periodiek knotten of kandelaberen als cultuurmaatregel bij daarvoor geschikte boomsoorten; hagen of heggen staande in de onmiddellijke nabijheid van woonbebouwing buiten, dan wel binnen de bebouwde kom, waarbij sprake is van een zekere ruimtelijke relatie met deze woonbebouwing.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel