Tenminste één jaar voorafgaande aan de afloop van de benoemingsperiode van de leden maakt de commissie AZ&M aan de raad kenbaar al dan niet een voordracht tot herbenoeming aan de raad te zullen voorleggen.
De raad besluit tenminste zes maanden vóór afloop van de benoemingsperiode over herbenoeming van de leden van de Rekenkamer inclusief de voorzitter.