Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk

Artikel 9

Over te leggen stukken

Onderdeel van Beheersverordening Gemeentelijke Begraafplaatsen Bunschoten 2013

Tot begraving wordt niet overgegaan dan nadat het verlof tot begraven of de bezorging van as is overgelegd aan de beheerder. Indien de begraving of de bezorging van as in een particulier graf zal plaatsvinden, dient een machtiging daartoe aan de beheerder te worden overgelegd. Deze machtiging is ondertekend door de rechthebbende of, indien deze is overleden, door degene die in de uitvaart voorziet. Begraving of bijzetting in een particulier graf, waarvan de uitgiftetermijn binnen de wettelijk minimum grafrusttermijn afloopt, kan alleen plaatsvinden onder gelijktijdige verlenging van de uitgiftetermijn met een zodanige periode dat de alsdan resterende uitgiftetermijn ten minste gelijk is aan deze grafrusttermijn. De verlenging dient te worden aangevraagd door de rechthebbende of, indien deze is overleden, door een van de andere personen, genoemd in artikel 21, tweede lid. De in het vorige lid bedoelde periode van verlenging wordt naar boven afgerond op gehele jaren. De beheerder onderzoekt de rechtmatigheid van de overgelegde stukken.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel