Verzoeken om hulpverlening bij schulden kunnen vanuit de volgende 2 situaties ontstaan:
Via een aanvraag om bijstand ter betaling van schulden.
Tegen een afwijzing van een dergelijke bijstandsaanvraag kan op grond van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) bezwaar en beroep worden ingesteld.
Via een verzoek om schuldhulpverlening bij de ISD.
Medewerking aan een dergelijk verzoek is niet gebaseerd op een wettelijke grondslag, zodat geen bezwaar of beroep kan worden gesteld indien gemeenten aan een dergelijk verzoek niet mee zouden willen werken. Wel bestaat de mogelijkheid om in dat geval een klacht in te dienen.
De gemeente verleent in voorkomende gevallen slechts medewerking indien de schuldenaar zich, lopende het traject, bereid heeft verklaard te voldoen aan een aantal (strenge financiële) verplichtingen. Indien de schuldenaar weigerachtig is, dan kan de gemeente besluiten de hulpverlening voortijdig stop te zetten. Ter beoordeling of een schuldenaar tot het WSNP-traject wordt toegelaten, moet de Rechtbank o.a. de haalbaarheid toetsen en nagaan of tijdens het minnelijke traject in voldoende mate is getracht tot een oplossing te komen.Indien een schuldenaar het niet eens is met de beslissing van de rechter, kan hij daartegen echter wel beroep instellen. Dit besluit in namelijk gebaseerd op de WSNP, als onderdeel van de Faillissementswet.
Artikel 2
Juridische aspecten bij schuldhulpverlening
Onderdeel van Beleidsregels Schuldhulpverlening ISD de Kempen