Naar hoofdinhoud
1.. De grafbedekking kan na het verstrijken van de graftermijn in opdracht van het college van burgemeester en wethouders worden verwijderd. 2.. Het voornemen tot verwijdering van de grafbedekking wordt gedurende ten minste één jaar voorafgaande aan het tijdstip waarop de grafbedekking zal worden verwijderd op een op het te ruimen graf te plaatsen bordje door het college van burgemeester en wethouders bekend gemaakt, tenzij het adres van de rechthebbende (degene die het uitsluitend recht heeft verkregen op een algemeen graf) bij het college van burgemeester en wethouders bekend is. In dat geval maakt het college aan hem uiterlijk één jaar voor het genoemd tijdstip per brief zijn voornemen bekend. 3.. Op grond van een daartoe door de rechthebbende bij het college van burgemeester en wethouders ingediende aanvraag, blijft de grafbedekking na verwijdering nog gedurende twaalf weken ter beschikking van degene aan wie een vergunning als bedoeld in artikel 17 was verleend. De aanvraag kan worden ingediend gedurende de in het tweede lid genoemde termijn. 4.. De grafbedekking vervalt aan de gemeente indien: geen verzoek op grond van het derde lid is ingediend en de termijn waarbinnen dit verzoek had kunnen worden ingediend is verstreken; de grafbedekking niet binnen drie maanden nadat deze van het graf is verwijderd, is afgehaald.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel