**1.** De vergunning kan door het college worden ingetrokken indien:
blijkt dat de vergunning ten gevolge van een onjuiste of onvolledige opgave is verleend;
blijkt dat de vergunninghouder de voorschriften als bedoeld in artikel 10 niet naleeft;
de omstandigheden aan de kant van de vergunninghouder zich zodanig hebben gewij zigd, dat het belang van het monument zwaarder dient te wegen;
indien de vergunninghouder schriftelijk een verzoek tot intrekking indient;
indien niet binnen 1 jaar na inwerkingtreding van de vergunning gebruik wordt gemaakt.
indien de monumentencommissie een met redenen omkleed advies heeft opgesteld.
**2.** Het besluit tot intrekking wordt in afschrift gezonden aan de monumentencommissie die van advies heeft gediend.
HOOFDSTUK 2 › Paragraaf 2
Artikel 13
Intrekken van de vergunning
Onderdeel van Erfgoedverordening Leiderdorp 2008