Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 4. › Paragraaf 2.

Artikel 10.

Het kunnen uitvoeren van de dagelijks noodzakelijke activiteiten

Onderdeel van Wmo-verordening Haarlemmermeer 2013

1.. Het zesde resultaat ten aanzien van het voeren van een huishouden bestaat uit het kunnen uitvoeren van de dagelijks noodzakelijke activiteiten. 2.. Met het oog op het uitvoeren van de dagelijks noodzakelijke activiteiten kan aan een belanghebbende een individuele voorziening worden toegekend van maximaal 6 dagdelen voor het aanleren van, het oefenen met, het ondersteunen bij of het overnemen van de dagelijks noodzakelijke activiteiten, het aanbrengen van structuur in die dagelijkse activiteiten en het voeren van regie over de dagelijkse activiteiten. 3.. Indien de belanghebbende voor de in lid 2 genoemde activiteiten een beroep kan doen op hulp van huisgenoten, mensen in het sociaal netwerk of op hulp van algemene of collectieve voorzieningen waaronder maatschappelijk werk, vrijwilligersorganisaties en schuldhulpverlening, wordt eerst beoordeeld of deze mogelijkheden tot het beoogde resultaat kunnen leiden. 4.. Voor zover de in het vorige lid genoemde mogelijkheden beschikbaar en bruikbaar zijn om het in dit artikel bedoelde resultaat voor de belanghebbende te bereiken wordt geen individuele voorziening verstrekt.

Rechtspraak bij dit artikel