1 Burgemeester en wethouders herzien een door hen ter uitvoering van
deze verordening genomen beslissing, indien:
a aan die beslissing een feitelijke onjuistheid ten grondslag
ligt;
b na die beslissing blijkt dat aan de beslissing andere feiten ten
grondslag dienen te worden gelegd.
2 Indien na een beslissing van burgemeester en wethouders de feiten
waarmede in die beslissing rekening is gehouden zodanig zijn
gewijzigd, dat de beslissing anders zou kunnen luiden als zij nog
genomen zou moeten worden, wijzigen burgemeester en wethouders de
beslissing, rekening houdende met de gewijzigde feiten.
3 Burgemeester en wethouders herstellen een door hen genomen
beslissing omtrent toekenning – inbegrepen aanpassing op grond van
artikel 57 -, herziening, wijziging of betaalbaarstelling van een
pensioen, indien daarin een onjuistheid, anders dan bedoeld in de
vorige leden, voorkomt.
4 Indien vijf jaren zijn verstreken na de dagtekening van een
overeenkomstig de vorige leden voor herziening, wijziging of herstel
vatbare beslissing, kunnen burgemeester en wethouders de leden
buiten toepassing laten.
Afdeling 3 › Hoofdstuk 1
Artikel 72
Herziening, wijziging en herstel
Onderdeel van Uitkerings- en pensioenverordening wethouders