**1.** Gedeputeerde Staten verlagen:
de jaarvergoeding, bedoeld in de artikelen 3.7, tweede lid, 4.1.1.7, tweede lid of 5.7, tweede lid, die na afloop van ieder kalenderjaar of beheerjaar wordt uitgekeerd of de som van de zes jaarvergoedingen die ingevolge artikel 3.10, 4.1.1.10 of 5.10 wordt vastgesteld;
het bedrag dat ingevolge artikel 4.2.8 wordt uitgekeerd, als een ontvanger van een subsidie niet heeft voldaan aan één of meerdere van de verplichtingen die zijn verbonden aan het ontvangen van de betreffende subsidie, niet zijnde de verplichtingen, bedoeld in de artikelen 4.1.1.6, eerste lid, onderdeel b, tweede en derde lid, 4.2.6, onderdeel a, en 5.6, vierde lid, de onderdelen b en c.
**2.** De hoogte van de verlaging op basis van het eerste lid is afhankelijk van de ernst, de omvang en het permanent karakter van de niet-naleving en het al dan niet aanwezig zijn van gemelde gevallen overmacht of onvoorziene omstandigheden.
**3.** Als een subsidie overeenkomstig artikel 7.3, zevende lid, onderdeel b, wordt overgedragen wordt de jaarvergoeding als bedoeld in het eerste lid, onderdeel a of het bedrag, bedoeld in onderdeel b, dat wordt uitgekeerd aan de nieuwe subsidieontvanger ook verlaagd als gedurende het beheerjaar of het kalenderjaar maar voorafgaand aan de overdracht van de subsidie overtredingen zijn begaan door de oorspronkelijke subsidieontvanger.
Hoofdstuk
Artikel 10.1
(verlagen voorschot en bedrag subsidievaststelling)
Onderdeel van Subsidieregeling Natuur- en Landschapsbeheer