Om duidelijkheid te scheppen over de inhoud van een aantal in de verordening, meer in het bijzonder de tarieventabel, voorkomende begrippen is daarvan een omschrijving opgenomen in artikel 1.
Ad. g.
Vergunningen kunnen worden verleend door verschillende bestuursorganen, afhankelijk van hun bevoegdheid. De bevoegdheden zijn geregeld in de betreffende bepalingen of beleid met betrekking tot de vergunningen.
Ad. h.
Er is voor gekozen om een omschrijving op te nemen van het begrip 'vergunning' . In verband met een doelmatige uitvoering wordt in de verordening zoveel mogelijk aangesloten bij een door een bestuursorgaan verleende vergunning (zie de artikelen 3, tweede lid, 6, vierde lid en 7, eerste lid). Het gaat er dan om dat een door een bestuursorgaan verleende toestemming om voorwerpen te hebben onder, op of boven voor de openbare dienst bestemde gemeentegrond in een gemeentelijke registratie is opgenomen. Dit betekent dat het moet gaan om een samenhangende verzameling van vergunningen, ontheffingen,
instemmingen met meldingen en dergelijke, die langs geautomatiseerde weg wordt gevoerd of met het oog op een doeltreffende raadpleging van deze gegevens systematisch is aangelegd. Te denken valt hierbij aan vergunningen of ontheffingen op grond van de Algemene plaatselijke verordening (APV), bouwvergunningen, meldingen en dergelijke. De gekozen begripsomschrijving omvat al deze toestemmingen. De term 'persoon' in de begripsomschrijving ziet zowel op natuurlijke als op rechtspersonen.
Ad.i.
Artikel 231 lid 2 sub b van de Gemeentewet regelt dat de bevoegdheden en verplichtingen die op rijksniveau gelden voor de inspecteur overeenkomstig gelden voor de ambtenaar die belast is met de heffing van de gemeentelijke belastingen. Deze ambtenaar wordt op grond van artikel 232 lid 2 sub a van de Gemeentewet aangewezen door het college (ad i).