**16..** De opsporing van de in artikel 4.4, 5.4, 6.4, 7.4 of 8.4 strafbaar gestelde feiten is, naast de in artikel 141 van het Wetboek van Strafvordering genoemde opsporingsambtenaren, opgedragen aan hen die door het college van burgemeester en wethouders met de zorg voor de naleving van deze verordening zijn belast, ieder voor zover het de feiten betreft die in de aanwijzing zijn vermeld.
Hoofdstuk 11
Artikel 11.2
Opsporingsbevoegdheid
Onderdeel van Subsidieverordening cultuurhistorie 2008