**1..** Een vergunning bevat - voorzover van toepassing - in ieder geval de volgende gegevens:
de periode waarvoor de vergunning geldt;
het gebied waarvoor de vergunning geldt;
de tijden waarvoor de vergunning geldt;
het kenteken of kentekens van het motorvoertuig of van de motorvoertuigen waarvoor de vergunning is verleend, of een code als bedoeld in artikel 1 onder h.
**2..** Aan een vergunning worden - voor zover van toepassing - in ieder geval de volgende voorschriften verbonden:
de vergunning is uitsluitend geldig voor het parkeren van het motorvoertuig waarvan het kenteken, respectievelijk de code, aan de voorzijde van de vergunning is vermeld;
tijdens het parkeren moet de vergunning van aanvang aan in het motorvoertuig aanwezig zijn en te allen tijde goed zichtbaar in de linkerbenedenhoek achter de achterruit zijn aangebracht, zodanig dat de voorzijde van de vergunning duidelijk ten genoegen van de parkeercontrole is te lezen, tenzij de vergunning elektronisch is verleend;
de vergunninghouder levert de vergunning in zodra deze is ingetrokken of op andere wijze is komen te vervallen.
een parkeervergunning geldt voor het parkeren van één motorvoertuig op één parkeerapparatuurplaats.
**3..** Aan een vergunning kunnen voorschriften en beperkingen worden verbonden ter bescherming van:
het belang van een goede verdeling van de beschikbare parkeerruimte
het belang van het voorkomen of beperken van door het verkeer veroorzaakte overlast, hinder of schade alsmede de gevolgen voor het milieu.
overige belangen in verband met regulering van het gebruik van plaatsen.