Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2. › Paragraaf 9.

Artikel 18.

Afwegingskader

Onderdeel van Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Waterland,

1. Een persoonsgebonden budget Een persoonsgebonden budget is een geldbedrag bedoeld om zelf hulp bij het huishouden of een voorziening mee aan te schaffen of te betalen. Het college bepaalt of een persoonsgebonden budget wordt toegekend. Op dit persoonsgebonden budget kan een eigen bijdrage in mindering worden gebracht, tenzij het om een rolstoel gaat. Het verschil tussen een persoonsgebonden budget en een financiële tegemoetkoming is klein. Helder is wel dat bij een bouwkundige woningaanpassing niet gesproken kan worden van een persoonsgebonden budget, omdat die aan de eigenaar moet worden uitbetaald. In de parlementaire behandeling van de Wmo is aangegeven dat er uitzonderingen mogelijk zijn op deze keuzevrijheid, vooral als het gaat om personen waarvan verwacht kan worden dat zij niet met het beschikbare geld kunnen omgaan. In het Besluit voorzieningen Wmo gemeente Waterland 2013 is vastgelegd wanneer er geen persoonsgebonden budget wordt verstrekt. Naast deze uitzonderingen komt het voor dat bij een belanghebbende met een zeer progressief ziektebeeld al op voorhand vast staat dat binnen korte tijd vervanging van de voorziening nodig is, wellicht daarna weer. Dan is een persoonsgebonden budget niet het gewenste verstrekkingmiddel. Het college verstrekt een persoonsgebonden budget alleen ten aanzien van individuele voorzieningen. Dat betekent dat bij algemene voorzieningen geen persoonsgebonden budget verstrekt wordt. De Centrale Raad van Beroep onderschrijft dit in diverse uitspraken. Voor deze voorzieningen geldt ook de eigen bijdragen systematiek niet. Het college bepaalt de omvang van het persoonsgebonden budget. De bedragen zijn vastgelegd in het Besluit voorzieningen Wmo gemeente Waterland 2013 . Voor de hoogte van het persoonsgebonden budget voor voorzieningen maakt het college per toekenning een berekening. Daarbij moet het bedrag voldoende zijn om de voorziening aan te schaffen en dus de bestaande problemen voldoende te compenseren. De kosten van de voorziening als de voorziening in natura zou worden verstrekt zijn daarbij uitgangspunt. In de beschikking vermeldt het college wat de omvang van het persoonsgebonden budget is en voor hoeveel jaar het persoonsgebonden budget bedoeld is. Om volstrekt duidelijk te laten zijn wat met het persoonsgebonden budget dient te worden aangeschaft en meer precies: aan welke vereisten de aan te schaffen voorziening dient te voldoen, wordt een zo nauwkeurig mogelijk omschreven programma van eisen bij de beschikking gevoegd. Hierdoor kan voorkomen worden dat door onduidelijkheid over de eisen die aan de voorziening gesteld moeten worden een verkeerde voorziening wordt aangeschaft. Dat wil zeggen een voorziening waarmee het beoogde resultaat niet bereikt kan worden. Dat zou tot inadequate voorzieningen kunnen leiden, waardoor het te bereiken resultaat, het compenseren van problemen, niet bereikt wordt, wat op zich weer tot nieuwe aanvragen aanleiding zou kunnen zijn. Het college neemt in de beschikking ook op dat er een eigen bijdrage/eigen aandeel in de kosten verschuldigd is. Omdat die eigen bijdrage vastgesteld en geïnd zal worden door het CAK, zal uitsluitend een aankondiging opgenomen worden. Zodra de beschikking door het college is verzonden, wordt het persoonsgebonden budget beschikbaar gesteld. De controle van het persoonsgebonden budget vindt plaats nadat met het Pgb een voorziening is aangeschaft of in het geval van het inkopen van diensten jaarlijks of als het een hoog Pgb betreft meerdere keren per jaar. Iedere budgethouder dient een verantwoording van het Pgb in te dienen en daarbij de volgende stukken te overleggen: de nota/factuur van de aangeschafte voorziening; een betalingsbewijs van aanschaf van de voorziening of een overzicht van de salarisadministratie met bewijsmiddelen. Er wordt gecontroleerd of het persoonsgebonden budget besteed is aan het doel waarvoor het verstrekt is en volgens de afspraken in de beschikking. Is dat het geval, dan hoeft er verder niets te gebeuren. Is het persoonsgebonden budget anders besteed dan bedoeld, dan kan het college overwegen het persoonsgebonden budget geheel of gedeeltelijk terug te vorderen. Daarbij zal leidend zijn of er opzet in het spel is geweest, of dat sprake is geweest van onwetendheid. In die laatste situatie kan overlegd worden dat deze situatie in de toekomst vermeden dient te worden. Bij opzet moet afgewogen worden of terugvordering in verhouding staat tot wat er bewust onjuist is gedaan. In het Besluit voorzieningen Wmo gemeente Waterland 2013 staat wanneer bij een persoonsgebonden budget een eigen bijdrage verschuldigd is. 2. De financiële tegemoetkoming Naast het persoonsgebonden budget kan ook een financiële tegemoetkoming worden toegekend. Het aantal mogelijkheden voor een financiële tegemoetkoming is beperkt: het zal gaan om een bouwkundige woonvoorziening, uit te betalen aan de eigenaar van de woning, een verhuiskostenvergoeding, een autoaanpassing of een financiële tegemoetkoming voor gebruik van een taxi of een rolstoeltaxi. Bij een financiële tegemoetkoming kan ook een eigen bijdrage, het eigen aandeel genoemd, verschuldigd zijn. In het Besluit voorzieningen Wmo gemeente Waterland 2013 staat wanneer een eigen aandeel verschuldigd is. Het college neemt in de beschikking op dat er een eigen aandeel in de kosten verschuldigd is. Omdat deze eigen bijdrage vastgesteld en geïnd zal worden door het CAK, zal uitsluitend een aankondiging opgenomen worden. 3. De voorziening in natura Bij een voorziening in natura verstrekt het college deze. Het college heeft met diverse partijen contracten afgesloten voor het leveren van diensten en het leveren en onderhouden van voorzieningen. Voor een voorziening in natura kan een eigen bijdrage in de kosten verschuldigd zijn. In het Besluit voorzieningen Wmo gemeente Waterland 2013 staat wanneer een eigen bijdrage verschuldigd is Het college neemt in de beschikking op dat er een eigen bijdrage verschuldigd is. Omdat die eigen bijdrage vastgesteld en geïnd zal worden door het CAK, zal uitsluitend een aankondiging opgenomen worden.

Rechtspraak bij dit artikel