Allereerst beoordeelt het college of er sprake is van
gebruikelijke zorg. Bij beschikken over schone, draagbare en
doelmatige kleding zal het over het algemeen gaan om
uitstelbare taken. Alleen als de was niet kan blijven liggen
zal dat direct moeten gebeuren. Hier zal dan ondanks de
gedeeltelijke gebruikelijke zorg wel voor geïndiceerd kunnen
worden.
Daarna beoordeelt het college of in het gesprek, als dat
heeft plaatsgevonden, alle voorliggende en algemeen
gebruikelijke voorzieningen meegenomen zijn. Hierbij valt te
denken aan het gebruik van een wasserij.
Vervolgens zal het college beoordelen of er andere eigen
mogelijkheden zijn die benut kunnen worden. Hierbij kan
gedacht worden aan de aanschaf door belanghebbende van een
wasmachine en/of droger.
Als al het voorafgaande niet geleid heeft tot een oplossing
van het probleem zal het college compenseren met een
individuele voorziening.
De inhoud van het resultaat schone en doelmatige kleding
bestaat uit het wassen en drogen daarvan en eventueel licht
verstelwerk, zoals het vastzetten van een naadje of het
aanzetten van een knoop.
Wat betreft het strijken van kleding worden er geen lakens,
theedoeken, zakdoeken en ondergoed etc. gestreken. Wat
betreft de kleding wordt uitgegaan van een eigen
verantwoordelijkheid ten aanzien van de keuze van kleding,
die in principe niet hoeft te worden gestreken.
Er zal met de mantelzorger rekening worden gehouden met het
oog op dreigende overbelasting. Als er een indicatie wordt
gesteld, gebeurd dat als afgeleide van de verzorgde op zijn
of haar naam.
Hoofdstuk 1. › Paragraaf 4.
Artikel 8.
Afwegingskader
Onderdeel van Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Waterland,