Naar hoofdinhoud

Artikel 7

Ligplaatsvergunning voor terrasboten

Onderdeel van Verordening op de Bedrijfsvaartuigen e.d.

1.. Een ligplaatsvergunning voor een terrasboot gedurende een seizoen of een kortere periode wordt aangevraagd op een door Burgemeester en Wethouders vastgesteld formulier. 2.. Burgemeester en Wethouders beslissen over een aanvraag van een ligplaatsvergunning binnen dertien weken na de dag, waarop het aanvraagformulier is ontvangen. 3.. Een ligplaatsvergunning voor een seizoen en/of kortere periode kan worden geweigerd indien: voor de ligplaats al vergunning is verleend; de aanvrager niet beschikt over een terrasboot; de veiligheid op, de reinheid van, en/of de openbare orde op het water en/of haar oevers in gevaar wordt gebracht; het verlenen van de vergunning de rechten en/of vrijheden van anderen aantast, dan wel overlast tot gevolg heeft; de terrasboot belemmeringen kan veroorzaken aan het verkeer te water of te land; de lengte van de terrasboot meer bedraagt dan de breedte van het bijbehorende perceel tenzij de afstand tussen het bijbehorende perceel en de terrasboot meer dan 5 meter bedraagt; de terrasboot wordt voorzien van een opslagruimte, van welk materiaal dan ook; de terrasboot wordt voorzien van een tapmogelijkheid; de terrasboot niet voldoet aan de door Burgemeester en Wethouders vastgestelde eisen van veiligheid en gezondheid; de aanvraag niet in overeenstemming is met de door Burgemeester en Wethouders vastgestelde voorschriften. 4.. Een seizoensvergunning voor een terrasboot wordt, naast de gevallen zoals bedoeld in het derde lid van dit artikel, tevens geweigerd indien: de periode niet ligt tussen 15 april en 15 oktober; het maximale aantal toegestane seizoensterrasboten voor het bepaald gedeelte van het openbaar water, zoals aangegeven in het ligplaatsenplan B, wordt overschreden; deze niet ten behoeve van een horecabedrijf is; het uiterlijk en de inrichting van de terrasboot naar het oordeel van Burgemeester en Wethouders afbreuk doet aan het aanzien van de gemeente; de terrasboot boven de kademuur uitsteekt; de ligplaats niet is gelegen in de onmiddellijke nabijheid van het horecabedrijf. 5.. Een vergunning voor een terrasboot voor een kortere periode dan een seizoen wordt, naast de gevallen zoals bedoeld in het derde lid van dit artikel, tevens geweigerd indien: de aanvraag betrekking heeft op een langere periode dan 10 aaneengesloten dagen; de tijd tussen twee opeenvolgende perioden minder dan 2 maanden bedraagt; het maximale aantal van 4 maal per jaar per inrichting wordt overschreden; het maximale aantal toegestane tijdelijke terrasboten voor het bepaalde gedeelte van het openbaar water, zoals aangegeven op het ligplaatsenplan B, wordt overschreden; de ligplaats niet is gelegen in de onmiddellijke nabijheid van het dienende pand. 6.. De ligplaatsvergunning wordt gesteld op naam van de exploitant van de terrasboot en vermeldt de naam van de exploitant, de plaatsaanduiding van de desbetreffende ligplaats, de bijbehorende voorzieningen en de kenmerken van de terrasboot.. 7.. Burgemeester en Wethouders kunnen voorschriften verbinden aan een ligplaats- vergunning ter bescherming van de belangen die deze verordening beoogt te dienen.

Rechtspraak bij dit artikel