Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk

Artikel 3:4

Functiegebonden toelagen

Onderdeel van Sociaal Statuut

Lid 1 Voor de ambtenaar die wordt overgeplaatst naar een passende of geschikte functie binnen de gemeentelijke organisatie vervallen de functiegebonden toelagen. Lid 2 Aan de ambtenaar, wiens bezoldiging als gevolg van het vervallen van de functiegebonden toelagen een blijvende verlaging ondergaat, wordt een aflopende compensatie toegekend indien: de blijvende verlaging ten minste 3% bedraagt van de bezoldiging; de ambtenaar deze toelagen gedurende ten minste een jaar zonder wezenlijke onderbreking heeft genoten. Lid 3 Deze compensatie kent het volgende verloop: het eerste en tweede jaar na de overplaatsing ontvangt de ambtenaar 100% van de daling van de bezoldiging, die het gevolg is van het vervallen van de functiegebonden toelagen; het derde en vierde jaar na de overplaatsing ontvangt de ambtenaar 50% van de daling van de bezoldiging, die het gevolg is van het vervallen van de functiegebonden toelagen; Lid 4 Indien de ambtenaar in zijn nieuwe functie geen aanspraak meer kan maken op bepaalde vaste (onkosten)-vergoedingen wordt hem een aflopende vergoeding toegekend, die in de eerste drie maanden na aanvang van de nieuwe werkzaamheden 100% bedraagt van de laatstelijk verleende vaste vergoedingen) en vervolgens 75, 50 en 25% gedurende de daaropvolgende perioden van telkens drie maanden. Nadien vervalt de aflopende vergoeding.

Rechtspraak bij dit artikel