Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2. › Afdeling Kasbeheer › Paragraaf XIII

Artikel 13.

Artikel 13.

Onderdeel van Treasurystatuut 2004

Voor het saldobeheer en het liquiditeitenbeheer gelden de volgende specifieke richtlijnen: De gemeente streeft naar concentratie van de overtollige liquiditeiten binnen één rentecompensatiecircuit bij de bank met de gunstigste condities; Indien er een liquiditeitsbehoefte ontstaat dan kan de gemeente kortlopende middelen aantrekken. Hierbij wordt – conform artikel 4 lid 1 - de kasgeldlimiet niet overschreden; Toegestane instrumenten bij het aantrekken van kortlopende middelen zijn daggeld, kasgeldleningen en kredietlimiet op rekening courant; Toegestane instrumenten bij het uitzetten van gelden voor een periode korter dan één jaar zijn rekening-courant, daggeld, spaarrekeningen en deposito’s; Bij het extern uitzetten van gelden korter dan één jaar zijn slechts de in artikel 6 genoemde tegenpartijen toegestaan, met inachtneming van artikel 4 lid 1; De gemeente vergelijkt bij minimaal 3 instellingen de tarieven bij een bedraghoger dan 1 miljoen euro alvorens middelen worden aangetrokken of uitgezet met een looptijd korter dan één jaar.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel