**1..** Het college ziet af van het opleggen van een maatregel indien:
elke vorm van verwijtbaarheid ontbreekt; of
de gedraging meer dan één jaar vóór constatering van die
gedraging door het college heeft plaatsgevonden.
**2..** Het college kan afzien van het opleggen van een maatregel indien het
daarvoor dringende redenen aanwezig acht.
**3..** Indien het college afziet van het opleggen van een maatregel op
grond van dringende redenen, wordt de belanghebbende daarvan
schriftelijk mededeling gedaan.
HOOFDSTUK 1
Artikel 7.
Afzien van het opleggen van een maatregel
Onderdeel van Maatregelenverordening IOAW en IOAZ